Hello Mister! - Simone in Indonesië

Hello Mister! - Simone in Indonesië

In 1994 nam mijn vader me mee op mijn eerste verre reis. We zouden op zoek gaan naar onze roots in Indonesië. Gewapend met een rugzak trokken we 4 weken lang door Sumatra en Java. We bezochten de plaatsen waar onze familie tot 1951 gewoond heeft en brachten zelfs een bezoekje aan het huis in Palembang waar nog steeds de door opa gemaakte kast en klok stonden. Het was een prachtige reis en de grondlegger voor mijn liefde voor Zuidoost-Azië. Omdat ik destijds nog maar 15 jaar oud was en mijn herinneringen van toen mijn hoofd grotendeels verlaten hebben, keek ik er enorm naar uit om het land opnieuw te bezoeken. 

Een kleine herinnering

Dit keer bezocht ik in 3 weken tijd Java, Bali en Lombok. Ook al kwam bijna niets mij bekend meer voor, ik voelde me meteen als een vis in het water. Tijdens de stadswandeling in Bogor werd ik door jong en oud aangesproken met ‘Hello mister!’ Hierdoor kwam een kleine herinnering terug. Zoveel jaren later worden vrouwelijke toeristen dus nog steeds aangesproken met ‘mister’… Zou dit een teken zijn dat Indonesië in al die jaren niet zoveel veranderd is? 

Billenknijpende verkeerssituaties?

De gemiddelde Indonesiër heeft het gevoel Michael Schumacher te kunnen overtreffen waardoor de inhaalmanoeuvres voor billenknijpende situaties zorgen. Het is dan ook verwonderlijk dat het geluid van loeiende sirenes zo goed als uit blijft. Onderweg kun je beter je blik laten glijden over de groene rijstterrassen en uitgestrekte theeplantages in plaats van meekijken over de schouder van je chauffeur!

Compleet bezoek aan Java

Java biedt verrassend veel afwisseling. De grote, drukke steden zoals Bogor, Bandung en Yogykarta waar auto’s en brommers maar ook becaks en paard en wagen de lokale bevolking van A naar B vervoeren. Vulkanen zoals de Papandayan waar de stank van zwavel je neus binnendringt en de Bromo waar het uitzicht over het landschap net na zonsopkomst sprookjesachtig mooi is. De mysterieuze tempelcomplexen Borobudur en de Prambanan ieder met een eigen verhaal maken een bezoek aan Java echt compleet.

Tempo doeloe in Bali

Bali voelt meteen anders. Overal is het hindoeïsme in volle glorie aanwezig. Het stikt er van de kleurig versierde tempels en op straat struikel je bijna over de offers die men brengt aan de kleine ‘huistempeltjes’. De geurige wierrook is een stuk aangenamer dan de zwaveldampen van de Papandayan vulkaan! Bij Bali denk je waarschijnlijk direct aan zon, zee en strand. Als ik terugdenk aan Bali, denk ik vooral aan het gezellige kunstenaarsdorp Ubud. Het plaatsje wordt omringd door sawa’s en is klein genoeg om te voet te verkennen. De vele winkeltjes en galeries trekken je blik steeds opnieuw weer naar binnen. De perfecte afsluiter voor een dag in Ubud? Urenlang ontspannen in een van de vele spa’s!

Schitterende bounty eilanden

Vanuit Padangbai gaat de ferry naar Lombok. Na 4 uur varen komt de haven in zicht. We rijden naar de bekende badplaats Sengiggi en eindelijk heb ik een paar dagen de tijd om alle indrukken nog eens rustig op me in te laten werken. Nu ik hier toch ben kan ik het uitstapje naar de Gili’s niet laten schieten. Met de boot varen we van Gili Trawangan naar Gili Meno en sluiten af met een bezoek aan Gili Air. Wat een schitterende bounty eilanden! Zo zien de stranden op de mooiste ansichtkaarten er ook altijd uit. Ik weet meteen: hier kom ik zeker nog eens terug.

Terug thuis…

Nu ik terug thuis ben vraag ik me af of Indonesië sinds 1994 veel veranderd is. Ook al laat mijn geheugen me een beetje in de steek: ik denk het niet. Ik hoop dat het land nog lang zal blijven zoals het nu is. Als ik er dan ooit weer kom, voel ik mij vast net zo thuis als nu!