In Turkije heb je in de wat grotere plaatsen een ruime keuze aan restaurants waar je voor een redelijk bedrag kunt genieten van allerlei schotels. De Turkse keuken is beroemd om haar verfijnde spijzen, al bieden de doorsnee restorans (restaurants) en lokanta's (goedkope zelfbedieningsrestaurants) veelal een soortgelijk assortiment aan gevulde groenten en stoofschotels en bereidt iedere kebap salonu vleesgerechten aan het spit. Wel heeft iedere streek haar eigen regionale specialiteiten. In de lokanta staan bij de ingang grote bakken met kant-en-klaar eten, dat warm gehouden wordt. Restorans zijn over het algemeen duurder dan lokanta's. Als je de menukaart niet begrijpt, kun je in vitrines je gerecht(en) uitzoeken. Vaak mag je een blik in de keuken werpen, als je dat eerst even vraagt. In toeristische plaatsen is er behalve een Turkse keuken ook een internationale. De tafels worden over het algemeen goed schoon gehouden. Een goed lopend restaurant heeft vaak jongens in dienst die alleen aangesteld zijn om de tafels te dekken en af te ruimen. Het kan dan ook gebeuren dat je je laatste hap nog niet verwerkt hebt, of je bord wordt al weggenomen.
Het ontbijt bestaat uit brood waarbij witte geitenkaas, olijven, boter, jam en soms eieren en vleeswaren worden geserveerd. Is er in je hotel geen kahvalti (ontbijt) te krijgen, dan vind je in de buurt meestal wel een pastane (banketbakker) of lokanta waar men een ontbijt serveert.
Turken eten hun hoofdmaaltijd vaak halverwege de dag. ’s Avonds volgt een warme, maar lichtere variant. Traditioneel begint een Turkse maaltijd met meze, een keur aan voorgerechten, de meeste koud geserveerd, waaruit je een aantal kiest. Typische voorgerechten zijn: Patlican salatasi (salade van gemalen aubergine), piyar salatasi (salade van witte bonen), börek (tot sigaren opgerolde bladerdeegrolletjes gevuld met bijvoorbeeld rijst en gehakt of met kaas en peterselie), biber dolmasi (met rijst en gehakt gevulde paprika's of aubergines), yaprak dolma (wijnblad gevuld met rijst). Een gemengde salade bestaat uit vaak niet meer dan een paar schijven tomaat, komkommer en wat uienringen. Er zijn ook meer gevarieerde salades. Over het algemeen wordt de salade vóór het hoofdgerecht geserveerd.
Het hoofdgerecht bestaat meestal uit lams- of schapenvlees, gegrild of gestoofd met groenten, vers brood en pilav (rijst) of gekookte gebroken tarwe (bulgur).
Sishkebab (een spies met stukjes geroosterd lamsvlees) is een Turkse uitvinding. Overal tref je de kebapçis aan en döner kebab (schapenvlees dat in lange repen aan een spit bevestigd is en langzaam langs een gloeiend vuur draait; de geroosterde buitenkant wordt er in dunne schijfjes afgesneden), adana kebab (sterk gekruid geroosterd vlees), köfte (gehaktballetjes), shaslik (spies met stukjes rund- of schapenvlees waar ook uien, stukjes nier en lever tussen zitten). In veel restaurants kun je ook kip (tavuk) bestellen, die op verschillende manieren kan zijn klaar gemaakt en visschotels. Vis (balik) kan soms prijzig zijn. Er is zwaardvis (kiliç), makreel (uskumru), tonijn (palamut), forel (alabalik) en sardine (sardalya). De vis kan geroosterd (izgara) of gebakken (tava) gegeten worden. Een Turkse pizza is een ander alternatief.
Vegetariërs hebben minder keuze, maar van de honger zul je niet omkomen. Maak gewoon een compleet maal van de meze (voorgerechten). Aubergine is groente nummer één: kijk uit naar de imam bayildi (de priester viel flauw), een schotel met gevulde aubergine. Bladgroenten komen weinig of niet voor, maar komkommer, paprika, aubergine, uien, aardappelen, bonen en courgettes worden volop gebruikt. Groenten worden meestal door en door gaar gekookt of gestoofd.
Een uitgebreide maaltijd wordt afgesloten met een dessert. Toetjes (tatlilar) zijn zoet (vaak druipend van de honing) en bestaan uit een combinaties van vruchten, noten en gebak, zoals de baklava. Helva zijn de mierzoete amandelblokken met sesamolie. Verder is er yoghurt, amandelpudding (asure), rijstpudding (sütlac) of vers fruit zoals appels, peren, sinaasappelen, druiven, perziken, watermeloenen, suikermeloenen of vijgen.
De nationale drank is çay (thee). Thee wordt geserveerd in kleine glaasjes met een paar klontjes suiker op een schoteltje. Koffie (kahve) is minder populair en dus moeilijker te krijgen. Het wordt gedronken uit hele kleine kopjes met veel drab erin, die eerst moet bezinken. In veel toeristische restaurants wordt in plaats van Turkse koffie ook wel Nescafé geserveerd. Hoewel alcohol voor de meeste moslims officieel is verboden, nemen veel Turken het daarmee niet zo nauw. Bier, wijn en raki zijn in de wat duurdere restaurants vaak gewoon verkrijgbaar. Raki is een sterk alcoholische anijsdrank, die uit druiven wordt gedestilleerd. Deze wordt puur gedronken of aangelengd met water. Frisdrank is overal goed verkrijgbaar. Je kunt beter geen water uit de kraan drinken, mineraalwater (maden suyu) is bijna overal te koop.